De Kroozenboom aan het Dronkenmans pad

 In RondomWirdum hebben jullie kunnen lezen over de bijzondere Kroozenboom aan het Dronkenmans pad. In onderstaand artikeltje lezen we nog een vervolg met, voor geïnteresseerden, informatie over deze bijzondere kersenpruim. Hierin wordt geschreven over een middelgrote boom. Maar de onze is een heel grote boom en duidelijk al heel oud. Ook wordt er geschreven over doornachtige takken. Onze boom heeft dit niet. Onze boom heeft de rode kroosjes en zijn juist heel smaakvol. Onderaan in dit artikeltje wordt geschreven over de Prunus domestica. Wij denken dat dit over “onze boom” gaat.  De pit groot in verhouding met de maat van dit kleine vruchtje. Dus kinderen moeten wel voorzichtig eten omdat we bij kleine vruchtjes kleine pitjes gewend zijn.

 

De Kroosjes of St. Julienpruimen, Prunus Insititia is mogelijk de stamvader van onze pruimen. Het is een bladverliezende, middelgrote fruitboom of heester, die in het voorjaar – voordat de bladeren verschijnen - met witte, geurende bloemen bloeit en kleine, ronde, violette, iets hartvormige vruchten heeft vruchten draagt. De takken zijn gedoornd. De vruchten zijn er in allerlei kleuren. Waterig vruchtvlees met een flauwe smaak. Er zijn verschillende kleurvariëteiten ontstaan en ze verschillen in grootte, het gemeenschappelijke is de hartvorm van de vruchten. In de Betuwe werden rond 1900 drie soorten kroosjes onderscheiden worden, n.l. het vroege, rood Kroosjes, dat als vroege, bijna eerste soort enige waarde heeft en in tamelijk grote hoeveelheden voorkwam en lichte en donkere Engelsche kroozen. Gewoonlijk worden ze onrijp geplukt, waardoor ze beter transporteerbar waren en als jampruimen naar Engeland geëxporteerd. Kroosjespruimen werden ook ooit als onderstam voor perziken gebruikt.

 

Kerspruimen P. Cerasifera of P. Myrobolan werden gebruikt als onderstam of tussenstam.

Wereldwijd is de Myrobolan de meest gebruikte onderstam.

Van het in de Rassenlijsen genoemde kroosje Alto heb ik geen gegevens gevonden.

Een bijzondere soort is de Ziebartle of Zibarte (zie hieronder).

Een andere oude groep vormen de Spillingen,Prunus domestica. Ssp. pomariorum:

De groei lijkt veel op die van de prunus insititia , al heeft deze soort geen dorens. Groenwitte bloesem . De vruchten groeien vaak paarsgewijs. De schil is gemakkelijk te verwijderen. De vruchten kunnen geel, rood of blauw zijn. De steen zit los. In het mediterrane gebied zijn er meerdere cultivars ontwikkeld. Zoet waterig vruchtvlees. Vanwege het aroma worden ze vooral voor pruimenjenever gebruikt.

Vormt een middelgrote gezonde boom met steile open kroon. Vormt veel uitlopers.

Tenslotte zei vermeld de Prunus Cocomilia, een eetbare wilde pruim uit het Mediterrane gebied, die volgens sommige literatuur een van de stamvaders van de kwets is.